Acharoniem

afbreking: Acha·ro·niem [ ? ]
lidwoord: de  
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'lateren';  

  rabbijnse autoriteiten op het gebied van de halacha (vanaf midden 15de eeuw), volgend op de Risjoniem, de 'eerderen' [ ? ]

zie ook: Neviiem Acharoniem  

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-