agadisch

afbreking: aga·disch [ ? ]
  [uitspraak: ağadisch] [ ? ]
vorm op -e: aga·di·sche
[uitspraak: ağadische]
 
herkomst: Hebreeuws-Nederlands [ ? ]

  horend tot of volgens de agada [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-