Asjera

Asjera (1)

afbreking: Asje·ra [ ? ]
herkomst: Hebreeuws (transcriptieversie) [ ? ]

  Kanaänitische godin, ook de boom of paal die haar symboliseert (40x: Ex. 34:13, Deut. 7:5 +, Recht. 3:7 +, 1 Kon. 14:15 +, 2 Kon. 13:6 +, Jes. 17:8 +, Jer. 17:2, Mi. 5:13, 2 Kron. 14:2 +) [ ? ]

verwant: Hebreeuws-Nederlands (gangbare versie): Asjera(2) [ ? ]

Asjera (2)

afbreking: Asje·ra [ ? ]
herkomst: Hebreeuws-Nederlands (gangbare versie) [ ? ]

  Kanaänitische godin, ook de boom of paal die haar symboliseert (40x: Ex. 34:13, Deut. 7:5 +, Recht. 3:7 +, 1 Kon. 14:15 +, 2 Kon. 13:6 +, Jes. 17:8 +, Jer. 17:2, Mi. 5:13, 2 Kron. 14:2 +) [ ? ]

verwant: Hebreeuws (transcriptieversie): Asjera [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-