Davidsstad

afbreking: Da·vids·stad [ ? ]
herkomst: Hebreeuws-Nederlands (gangbare versie) [ ? ]

  oud deel van Jeruzalem-1, burcht; in vertalingen ook: Davidsburcht (44x: 2 Sam. 5:7 +, 1 Kon. 2:10 +, 2 Kon. 8:24 +, Jes. 22:9, Neh. 3:15 +, 1 Kron. 11:5 +, 2 Kron. 5:2 +) [ ? ]

verwant: Hebreeuws (transcriptieversie): Ier Davied [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-