derech erets

afbreking: de·rech erets [ ? ]
  [uitspraak: dèrech èrets] [ ? ]
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'weg of manier van het land';  

 
  1. gedrag waarbij men rekening houdt met anderen, fatsoen;
  2. het uitoefenen van een beroep of vak
[ ? ]

zie ook: Tora iem derech erets  

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-