Devariem Raba

afbreking: De·va·riem Ra·ba [ ? ]
  [uitspraak: Dəvariem] [ ? ]
herkomst: Hebreeuws-Aramees [ ? ]
letterlijk: 'grote (midrasj op) Devariem';  

  agadische midrasjverzameling op Devariem (Deuteronomium), samengesteld in de geonitische periode [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-