devar Tora

afbreking: de·var To·ra [ ? ]
lidwoord: het  
meervoud: di·vree To·ra  
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'woord uit de Tora';  

 
  1. Bijbelse wet;
  2. uitleg vooraf van wat er wordt gelezen
[ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-