dina demalchoeta dina

afbreking: di·na de·mal·choe·ta di·na [ ? ]
  [uitspraak: dəmalchoeta] [ ? ]
herkomst: Aramees [ ? ]
letterlijk: 'de wet van het koninkrijk is de wet';  

  verplichting aan de wet van de staat [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-