Gedera

Gedera (1)

afbreking: Ge·de·ra [ ? ]
  [uitspraak: Ğədera] [ ? ]
herkomst: Hebreeuws (transcriptieversie) [ ? ]
letterlijk: 'ommuring';  

 
  1. plaats in het gebied van Juda-3 (Joz. 15:36, 1 Kron. 4:23);
  2. plaats ten zuiden van Tel Aviv en ten oosten van Asjdod in het huidige Israël-7
[ ? ]

  Gedera  
verwant: Hebreeuws-Nederlands (gangbare versie): Gedera(2) [ ? ]

Gedera (2)

afbreking: Ge·de·ra [ ? ]
  [uitspraak: Ğədera] [ ? ]
herkomst: Hebreeuws-Nederlands (gangbare versie) [ ? ]
letterlijk: 'ommuring';  

 
  1. plaats in het gebied van Juda-3 (Joz. 15:36, 1 Kron. 4:23);
  2. plaats ten zuiden van Tel Aviv en ten oosten van Asjdod in het huidige Israël-7
[ ? ]

verwant: Hebreeuws (transcriptieversie): Gedera [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-