Gitajim

afbreking: Gi·ta·jim [ ? ]
  [uitspraak: Ğitajim] [ ? ]
herkomst: Hebreeuws (transcriptieversie) [ ? ]
letterlijk: 'dubbele wijnpers';  

  moeilijk te localiseren plaats waar afstammelingen van Benjamin-1 wonen; mogelijk identiek met Gat-2 (2 Sam. 4:3, Neh. 11:33) [ ? ]

verwant: Hebreeuws-Nederlands (gangbare versie): Gittaïm [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-