Roet Raba

afbreking: Roet Ra·ba [ ? ]
herkomst: Hebreeuws-Aramees [ ? ]
letterlijk: 'grote (midrasj op) Roet';  

  agadische midrasjverzameling op Roet (Ruth), samengesteld in de amoraïtische periode; andere naam: Midrasj Roet [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-