Wajera

afbreking: Wa·je·ra [ ? ]
  [uitspraak: Wajeera] [ ? ]
herkomst: Hebreeuws [ ? ]
letterlijk: 'en Hij verscheen';  

  beginwoord, tevens naam van de perikoop Beresjiet 18:1-22:24 [ ? ]

© SHJ Stichting Hebreeuwse en Jiddisje woorden in het Nederlands, 2010-